Katten AIDS  Timthumb

Katten-AIDS

Sinds 1986 is het katten-aidsvirus (FIV) bekend. Het virus wordt bij de kat overgebracht door bijtwonden (bloedcontact). De FIV infectie behoort tot dezelfde familie als HIV van de mens, maar er is geen enkele aanwijzing dat het virus kan worden overgedragen op de mens. Gelukkig kunnen besmette katten nog best lang doorleven met de juiste medicatie.

Vechtpartijen vormen risico
Vooral ongecastreerde katers lopen een risico om besmet te worden, omdat ze vaak territoriumgedrag vertonen wat met vechten gepaard gaat. Ook het in de nek bijten tijdens de dekking kan leiden tot overdracht van de besmetting. De infectie wordt daarom niet of nauwelijks overgedragen tussen katten in hetzelfde huishouden. Alleen wanneer deze regelmatig heftig met elkaar zouden vechten kan dit wel het geval zijn. Kittens kunnen in de baarmoeder en na de geboorte via de moedermelk geïnfecteerd worden.

In Nederland wordt FIV bij ongeveer 4 tot 6% van de zieke katten gevonden. Bij gezonde dieren wordt het virus bij minder dan 1% van de dieren aangetroffen. Dit worden dragers genoemd. Deze dieren zijn niet ziek, maar wel besmet en kunnen de infectie ongemerkt overdragen.

Symptomen FIV
FIV veroorzaakt een onderdrukking van de afweer. Het ziektebeeld wordt daarom gekenmerkt door chronische infecties, diarree, huid-, tandvlees- en oorontstekingen, vermagering en bloedarmoede. Het kan vaak jaren duren (vaak langer dan 5 jaar) voordat een kat, nadat deze besmet is geraakt, ziek wordt. In die tijd zijn ze al wel besmettelijk. Uiteindelijk komt een deel van de katten in een stadium terecht dat vergelijkbaar is met AIDS bij de mens.

De diagnose kan door de dierenarts vastgesteld worden door bloedonderzoek. Ongeveer 3 tot 4 weken na infectie kunnen er antilichamen in het bloed worden aangetoond.

Hoe voorkomen we FIV?
Er is helaas nog geen vaccin ontwikkeld om de kat te beschermen tegen FIV. Wel kan het infectierisico van met name katers worden verminderd door deze tijdig te laten castreren, dat wil zeggen op een leeftijd van 4 tot 6 maanden. Daarmee wordt ook voorkomen dat de katers (in huis) gaan sproeien.

Een FIV-positieve kat mag niet meer buiten komen. Het dier in laten slapen is zeker niet nodig. De dieren kunnen namelijk nog vele jaren zonder ziekteproblemen blijven leven en fijn gezelschap vormen voor het gezin of de baas. Zelfs als de eerste ziekteverschijnselen beginnen op te treden kan er nog prima gedurende lange tijd behandeld worden met medicijnen om de symptomen te onderdrukken en de kat nog een goed leven te geven. Behandeling met antivirale middelen, zoals bij de mens, is wel mogelijk gebleken, maar kunnen ernstige bijwerkingen veroorzaken. Daarom wordt dit niet geadviseerd.

Paul Overgaauw