Gezonde Konijnen

Gezonde konijnen

Konijnen zijn sociale dieren en hebben daarom gezelschap nodig. Wanneer je twee mannetjes bij elkaar zet, dan is er het risico dat ze kunnen gaan vechten en een koppel van een mannetje en vrouwtje is alleen handig als men ermee wil fokken of de konijntjes laat steriliseren of castreren. Twee vrouwtjes gaan meestal wel goed als ze samen zijn opgegroeid. Konijnen zijn van nature angstig om opgepakt te worden omdat het prooidieren zijn. In het wild worden ze alleen opgepakt door roofvogels of andere dieren. Om konijnen te laten wennen aan de mens wordt geadviseerd om jonge konijntjes vanaf 4 weken leeftijd te laten wennen aan oppakken, aaien en verzorgen.

Huisvesting en verzorging
Konijnen kunnen zowel buiten als binnen in een ruime kooi of hok gehuisvest worden. Konijnen zijn intelligente en actieve dieren, die de ruimte nodig hebben om te kunnen springen, rennen, graven en rechtop te staan. Ze moeten in hun kooi in de lengte minimaal languit kunnen liggen en in de breedte 5 keer kunnen zitten. Voor een kooi of hok geldt natuurlijk hoe groter, hoe beter! Een buitenhok moet bescherming bieden tegen zon, wind en regen. Konijnen kunnen sterven aan oververhitting als het hok in de felle zon staat. Geef stro als bodembedekking; een voldoende dikke laag neemt goed de urine op. Maak het hok wekelijks schoon en het ontlastinghoekje dagelijks. Konijnen moeten een paar uur per dag kunnen bewegen, bijvoorbeeld in een buitenren. Als ze heel jong zijn mogen ze nog niet naar buiten als het koud is. Let er in huis op dat ze niet aan elektriciteitsdraden, planten of tapijt kunnen knagen.

Pak een konijn nooit bij de oren of het nekvel op en steek ook geen hand plotseling naar het dier uit. Dit laatste kan een aanval uitlokken. Gewoon een hand onder de buik en de borst. De rug moet goed worden vastgehouden als het konijn tegen de borst wordt gedrukt.

Als een konijn in de rui is, mag de vacht geborsteld worden om de dode haren te verwijderen. Hiermee wordt voorkomen dat zich haarballen vormen in de maag. Een konijn kan namelijk niet overgeven en te veel haren kan leiden tot maagverstopping.

Voeding
Konijnen hebben konijnenkorrels (biks) nodig met daarnaast altijd goed, fris ruikend hooi. Dit laatste vormt de essentiële basis van de konijnenvoeding als bron van voedingsvezels. Verder kunnen groenvoer (wortelen, andijvie, witlof, koolbladeren, boerenkool), fruit, oud brood, gras, paardenstekken, weegbree, klaver en wilgentakken worden gegeven. Verwen konijnen niet met chips, chocolade of koekjes, maar geef liever een voerbal of knaagspeeltje dat gezond voor het dier is. Er moet altijd vers drinkwater beschikbaar zijn. Een fles met drinknippel voldoet goed en blijft schoon.

Gezondheid van konijnen
Gezonde konijnen zijn actief, levendig, is belangstellend voor de omgeving, heeft schone ogen en oren, korte nagels en tanden, glanzende aaneengesloten vacht, een ronde, niet te dikke buik, een droge anaalstreek en loopt normaal. Konijnen laten lastig zien dat ze iets onder de leden hebben, omdat het prooidieren zijn. Vaak hebben ze tandafwijkingen omdat de tanden en kiezen het hele leven lang doorgroeien. Als ze niet goed afslijten kunnen ze last krijgen van doorgegroeide tanden en/of kiezen die het slijmvlies beschadigen met pijn en ontstekingen als gevolg. De snijtanden kunnen helemaal gekruld opzij groeien en normaal eten belemmeren.

Meer dan 80% van de voedsters ouder dan 4 jaar kan last krijgen van baarmoedertumoren en het is daarom beter om vrouwtjes op jonge leeftijd te castreren. Te lange nagels moeten geknipt worden.

Voldoende aandacht en goede zorg zijn dus van belang om uw konijn gezond oud te laten worden.

 
Paul Overgaauw
Specialist Veterinaire Microbiologie KNMvD, Dipl. ACVM, SMBWO erkend parasitoloog