Antibiotica Hond Kat

Antibiotica bij huisdieren

Antibiotica zijn stoffen die werkzaam zijn tegen bacteriën bij mens en dier. Voor sommige ziekten zijn ze van levensbelang, anders kan een patiënt komen te overlijden. Na de ontdekking en toepassing van antibiotica eind jaren dertig in de vorige eeuw daalden de sterftecijfers in Amerika als gevolg van infectieziekten binnen de eerste vijftien jaar met 75 procent (miljoenen mensen) en de levensverwachting nam toe met twintig jaar. Alleen met antibiotica is het nog mogelijk om ingewikkelde en langdurige chirurgische ingrepen uit te voeren, zware chemotherapie te geven, organen te transplanteren en prematuur geboren baby’s in leven te houden omdat zo complicerende infecties worden voorkomen.

Als antibiotica vaak worden gebruikt is de echter kans groot dat bacteriën ongevoelig worden. Dit heet resistentie. Ook bij huisdieren worden antibiotica toegepast en door de veel nauwere contacten tussen mensen en hun huisdieren is de kans op overdracht van resistente bacteriën hiertussen groter. Het is daarom belangrijk om antibiotica op een verantwoorde manier toe te passen om er zo voor te zorgen dat ze bij ernstige infectieziekten ook in de toekomst nog gebruikt kunnen worden.

Antibioticaresistentie breidt zich helaas sneller uit dan er nieuwe antibiotica op de markt komen. Om de ontwikkeling van resistentie tegen te gaan zijn drie dingen heel belangrijk. Ten eerste preventie van infectieziekten. Als dieren niet besmet worden met ziekteverwekkende bacteriën hoeven deze natuurlijk ook niet behandeld te worden met antibiotica. Ten tweede een goede controle op uitbraken van ziekten om tijdig maatregelen te kunnen nemen. Als laatste moet er bij mens en dier verantwoord worden omgaan met de beschikbare antibiotica. Dat betekent alléén gebruiken als het echt nodig is en dan de juiste middelen, in de aanbevolen dosering, gedurende de geadviseerde periode. Lang niet alle infecties hoeven met antibiotica behandeld te worden. Virusinfecties en sommige bacteriële infecties gaan vanzelf over. Verder wordt er eerst bacteriologisch onderzoek verricht om de verwekker aan te tonen en om te weten tegen welke antibiotica deze wel of niet gevoelig is. Met deze maatregelen is al bijna een vermindering van 70 procent van het antibioticagebruik bij dieren bereikt ten opzichte van enkele jaren geleden. Sommige ziekteverwekkende bacteriën blijken zelfs weer gevoeliger worden in plaats van resistenter.

Allemaal redenen om ook bij huisdieren zorgvuldig om te gaan met antibiotica. Het is niet nodig om bij een blaasontsteking bij de kat, een routine operatie, een eenvoudige huidontsteking of bij diarree antibiotica te gebruiken. In veel gevallen zijn hier namelijk geen bacteriën als oorzaak aanwezig. Bovendien is de kans groot dat de normale darmbacteriën door antibiotica worden verstoord, waardoor de diarree vervolgens juist in stand wordt gehouden.

Ga nooit zelf antibiotica geven die misschien zijn overgebleven van een vorige kuur of van de mens. Maak een antibioticakuur altijd af en volg de instructies van de dierenarts zorgvuldig op. Het vroegtijdig stoppen met een behandeling omdat de klachten beginnen te verdwijnen, kan leiden tot een terugval van de klachten en vergroot de kans op het ontstaan van resistentie.

Paul Overgaauw
Specialist Veterinaire Microbiologie KNMvD, Dipl. ACVM, SMBWO erkend parasitoloog